Een 45-jarige vrouw – laten we haar Marijke noemen – stapt moe en gefrustreerd mijn praktijk binnen. Ze doet alles goed, zo vertelt ze me. Ze gaat op tijd naar bed, vermijdt koffie na de lunch, eet gevarieerd en doet zelfs aan intermittent fasting. Toch blijft ze last houden van chronische vermoeidheid. ’s Ochtends voelt ze zich geradbraakt en halverwege de middag krijgt ze een enorme energie-dip. Haar huisarts heeft bloedonderzoek laten uitvoeren, en daaruit bleek niets bijzonders. Voor mij is dit een bekend patroon. In mijn praktijk zie ik dit regelmatig: patiënten die alles lijken te doen wat de richtlijnen voorschrijven, maar bij wie klachten aanhouden. Hoe is dat mogelijk en wat valt daar tegen te doen?
De sleutel, zo heb ik in de loop der jaren ervaren, ligt vaak niet in wat iemand doet, maar in wanneer iemand iets doet. Ons lichaam functioneert via ritmische cycli. Leefstijlinterventies die niet synchroon lopen met onze interne klokken kunnen daardoor simpelweg falen.1,2
Uit nader onderzoek bij Marijke blijkt dat niet haar voedingspatroon, maar de timing ervan en wat er daarna in haar darmen gebeurt, problemen geven. Hier komen we op het terrein van de circadiane ritmes en het darmmicrobioom: twee systemen die nauwer verbonden zijn met elkaar dan we lang dachten.
Onze interne klokken
Ons lichaam heeft een meesterklok in de hersenen én talloze perifere klokken in organen en cellen. De centrale klok, de suprachiasmatische nucleus (SCN) in de hypothalamus, ontvangt lichtsignalen via gespecialiseerde ganglioncellen in het netvlies en fungeert als dirigent van ons 24-uursritme.3 Onder invloed van daglicht stuurt de SCN een stroom van hormoon- en zenuwsignalen door het lichaam: cortisol in de ochtend om ons wakker te maken, melatonine ’s avonds om de slaap in te luiden.
Daarnaast zijn er perifere klokken in vrijwel alle weefsels – van lever en darmen tot spieren en immuuncellen. Deze lokale klokgenen (CLOCK, BMAL1, PER, CRY) genereren een autonoom ritme en reguleren plaatselijke processen. Zo stuurt de leverklok de dag-nachtvariatie in glucose- en vetstofwisseling.4,5 In ideale omstandigheden worden deze perifere klokken regelmatig gesynchroniseerd door de SCN, zodat ‘het hele orkest in de maat speelt’.
Desynchronisatie ontstaat wanneer centrale en perifere klokken uit elkaar gaan lopen. Denk aan ploegendienst of jetlag, maar ook aan subtielere verstoringen: als iemand consequent laat op de avond eet, krijgt de lever telkens een ‘dagsignaal’ op een moment dat de centrale klok al op de nachtstand staat. De leverklok raakt dan uit fase.6-8 Zulke circadiane disregulatie wordt in verband gebracht met een verhoogd risico op metabool syndroom, diabetes, hart- en vaatziekten, stemmingsstoornissen en zelfs bepaalde kankers. De WHO bestempelt nachtwerk dan ook als ‘waarschijnlijk carcinogeen’.7
Terug naar casus Marijke
Met deze kennis in het achterhoofd stel ik Marijke gerichte vragen. Niet alleen ‘Wat eet je?’, maar ook ‘Wanneer eet je?’ en ‘Hoe ziet je avond eruit?’ Het beeld dat ontstaat, is veelzeggend. Marijke werkt thuis en zit ’s avonds vaak tot laat achter een beeldscherm. Haar laatste maaltijd nuttigt ze rond 21:30 uur. Ze doet aan intermittent fasting, maar haar eetvenster loopt van 12:00 tot 21:30 – waardoor ze een aanzienlijk deel van haar dagelijkse calorieën in de late avonduren binnenkrijgt. Ze slaapt rond 23:30, maar geeft aan dat ze moeite heeft met inslapen. Ook voelt ze zich ’s ochtends niet uitgerust.
Wat je hier ziet, is een klassiek beeld van circadiane desynchronisatie. Haar eetvenster is verschoven naar de avond, waardoor haar perifere klokken – met name in de lever en de darm – een ander signaal krijgen dan haar centrale klok. Het avondlicht van het beeldscherm onderdrukt bovendien de melatonineproductie, waardoor haar SCN later gaat 'tikken'.9-11 Maar er speelt nóg iets mee. Iets waar ik in mijn onderzoek steeds meer bewijs voor vind: de rol van het darmmicrobioom als schakel tussen ritme en gezondheid.
De microbiële klok
Terwijl ik Marijke’s dossier doorneem, denk ik aan wat ik als voedingsdeskundige en slaaponderzoeker in de loop der jaren heb geleerd over de wisselwerking tussen onze interne klok en de darmgezondheid. Ons darmmicrobioom heeft namelijk een eigen ritme – een ‘microbiële klok’ die meebeweegt met onze dagelijkse routines. De samenstelling en activiteit van de microbiota oscilleren over 24 uur, synchroon aan het eet- en slaappatroon van de gastheer.8,12,13 Overdag, tijdens actieve periodes met voedselinname, zijn bepaalde bacteriegroepen dominanter. ’s Nachts verschuift dit patroon.
Chronische circadiane verstoring kan deze microbiële samenstelling ontregelen. Omgekeerd produceren darmbacteriën metabolieten – zoals korteketenvetzuren (SCFA’s), serotoninevoorlopers en GABA – die via de darm-hersen-as onze slaap en stemming beïnvloeden.12,14 Opvallend is dat de darm zelf melatonine aanmaakt in hoeveelheden die de afgifte door de pijnappelklier ruimschoots overtreffen.13 Hieruit blijkt hoe diep de darm in ons 24-uurssysteem is ingebed.
In 2024 publiceerde ik samen met Serena Galiè een systematische review over de microbiota–darm–hersen-as bij metabool syndroom en slaapstoornissen.15 We zagen dat beide aandoeningen gepaard gaan met vergelijkbare verschuivingen in de darmflora en dat voeding hierin een sleutelrol speelt. Het profiel van Marijke – vermoeidheid, slaapproblemen, een verstoord eetritme – past precies in dit plaatje.
SCFA’s als moleculaire boodschappers
Een metaboliet dat in het onderzoek naar de circadiane gezondheid steeds opnieuw opduikt, zijn korteketenvetzuren (SCFA’s): butyraat, propionaat en acetaat. Deze worden geproduceerd door fermentatie van voedingsvezels door darmbacteriën en fungeren als moleculaire boodschappers tussen microbioom en gastheer.16,17
In het recente onderzoeksproject van de Universiteit van Bern en de Ivano-Frankivsk National Medical University hebben wij onderzocht hoe SCFA’s met onze lichaamsklokken communiceren.14 We toonden aan dat verhoogde SCFA-spiegels correleren met verschuivingen in klokgenexpressie in bloedcellen en perifere organen. Het werkingsmechanisme is fascinerend: SCFA’s remmen histondeacetylase (HDAC), waardoor de acetylering van klokeiwitten zoals BMAL1 en PER2 toeneemt – en daarmee de ritmische expressie van perifere klokgenen.18,19 Daarnaast activeren ze G-proteïnegekoppelde receptoren (GPR41, GPR43, GPR109a) die GLP1- en PYY-secretie stimuleren.20
Klinisch gezien biedt dit perspectief: vezelrijke voeding of gerichte supplementen kunnen bijdragen aan een snellere herafstemming van verstoorde interne klokken bij ploegendiensten, jetlag of een sociale jetlag.14,19,21,22 Een recente dubbelblinde RCT bij patiënten met colitis ulcerosa toonde aan dat butyraat-suppletie niet alleen de klokgenexpressie verbeterde, maar ook de slaapkwaliteit en ontstekingsmarkers.23 Voor Marijke betekent dit concreet: als haar late eetpatroon de SCFA-productie naar het verkeerde moment verschuift, kan een combinatie van vezelrijke voeding op het juiste tijdstip én gerichte suppletie helpen haar klokken weer te synchroniseren.
Marijke’s behandelplan
Terug naar de spreekkamer. Op basis van mijn bevindingen stel ik voor Marijke een behandelplan op dat zich richt op drie pijlers:
Ik leg haar uit dat haar darmbacteriën – net als zijzelf – een dag-nachtritme hebben, en dat haar late eetpatroon en het licht in de avond dit ritme verstoren.
Pijler 1 – Timing van de maaltijden verschuiven
Ik adviseer Marijke de momenten waarop ze eet te vervroegen naar 8:00–18:00 uur, zodat het zwaartepunt van haar calorie-inname in de ochtend en middag valt. Onderzoek laat zien dat time-restricted eating (TRE) met een vroeg eetvenster de synchronisatie van perifere klokken verbetert en metabole parameters gunstig beïnvloedt.6,24
Concreet: een voedzaam ontbijt rond 8:00 uur, een warme lunch als hoofdmaaltijd, en een lichte avondmaaltijd vóór 18:00 uur. De avondsnack om 21:30 vervalt.
Pijler 2 – Blootstelling aan licht
Mijn eigen onderzoek aan de Universiteit van Oxford toonde aan dat zelfs gedimd kunstlicht (~20 lux) in de avonduren de klokgenen in de lever en de darm kan verschuiven en de microbiële diversiteit verlaagt – met name een afname van Akkermansia muciniphila25,26, een bacterie die een belangrijke rol speelt in de darmpermeabiliteit en onze immuniteit.
Ik adviseer Marijke om na 20:00 uur de lichten te dimmen en slechts tafellampen te gebruiken. Dus geen plafondverlichting meer. Daarnaast raad ik haar aan om ’s ochtends binnen dertig minuten na het opstaan minimaal 15-20 minuten daglicht tot zich te nemen, liefst buiten of door een SAD-lamp te gebruiken.27
Pijler 3 – Microbioomondersteuning via voeding en suppletie
Ik adviseer Marijke:
Marijke’s resultaten
Na zes weken komt Marijke terug voor evaluatie. De veranderingen zijn subtiel maar consistent. Ze valt sneller in slaap – haar inschatting: binnen 15 minuten in plaats van 45. De ochtendvermoeidheid is merkbaar afgenomen. Haar energie is stabieler door de dag, zonder het bekende middagdipje. ‘Ik had niet verwacht dat het tijdstip waarop ik eet zó een verschil zou maken,’ vertelt ze.
Na drie maanden rapporteert Marijke een duurzame verbetering. Ze eet vroeger op de dag, de avondscreentijd is gereduceerd en de butyraat-suppletie is na acht weken afgebouwd, terwijl ze het gebruik van vezelrijke voeding en probiotica voortzet. Wat mij als therapeut het meest raakt: ze begrijpt nu waarom de interventies werken. Dat maakt het verschil in therapietrouw.
Marijke is geen uitzondering. In mijn praktijk zie ik vergelijkbare patronen bij patiënten met onverklaarbare vermoeidheid, slaapklachten of spijsverteringsklachten die niet reageren op standaardinterventies. De gemeenschappelijke noemer is vaak circadiane desynchronisatie, versterkt door een ontregeld darmmilieu.
Circadian Matrix en CDI-score
In de praktijk merkte ik dat therapeuten behoefte hebben aan een hulpmiddel om ritmeverstoring systematisch te beoordelen. Daarom werk ik momenteel met een multidisciplinair team van toponderzoekers uit de chronobiologie en functionele geneeskunde aan twee innovaties: de Circadian Matrix Methodologie en het Circadian Dysregulatie Index (CDI) scoringssysteem.
Met de Circadian Matrix worden slaapgegevens, eet- en lichtpatronen, microbiële markers en hormoonprofielen samengevoegd tot een samenhangend overzicht van iemands circadiane regulatie. Het CDI-scoringssysteem vertaalt deze bevindingen naar een praktische index die aangeeft hoe ernstig de ontregeling is en op welke assen – lichtblootstelling, slaappatroon, ontstekingen, maaltijdtiming, microbioom – bijsturing wenselijk is.
Tijdens mijn lezing op het VGBC-congres Metabool in balans op vrijdag 29 mei 2026 presenteer ik deze nieuwe aanpak. Ik neem u mee aan de hand van praktijkvoorbeelden en laat zien hoe de Circadian Matrix verborgen patronen in leefstijlgedrag blootlegt en hoe de CDI helpt interventies te prioriteren.
- Finger AM, Dibner C, Kramer A. Coupled network of the circadian clocks: a driving force of rhythmic physiology. FEBS Lett. 2020 Sep;594(17):2734-2769.
- Fishbein AB, Knutson KL, Zee PC. Circadian disruption and human health. J Clin Invest. 2021 Oct 1;131(19):e148286.
- Hastings MH, Maywood ES, Brancaccio M. Generation of circadian rhythms in the suprachi-asmatic nucleus. Nat Rev Neurosci. 2018 Aug;19(8):453-469.
- Richards J, Gumz ML. Advances in understanding the peripheral circadian clocks. FASEB J. 2012 Sep;26(9):3602-13.
- Frazier K, Manzoor S, Carroll K, et al. Gut microbes and the liver circadian clock partition glucose and lipid metabolism. J Clin Invest. 2023 Sep 15;133(18):e162515.
- Pickel L, Sung HK. Feeding Rhythms and the Circadian Regulation of Metabolism. Front Nutr. 2020 Apr 17;7:39.
- Streng AA, Loef B, Dollé MET, et al. Night shift work characteristics are associated with sev-eral elevated metabolic risk factors and immune cell counts in a cross-sectional study. Sci Rep. 2022 Feb 7;12(1):2022.
- Thaiss CA, Zeevi D, Levy M, et al. Transkingdom control of microbiota diurnal oscillations promotes metabolic homeostasis. Cell. 2014 Oct 23;159(3):514-29.
- Meléndez-Fernández OH, Liu JA, Nelson RJ. Circadian Rhythms Disrupted by Light at Night and Mistimed Food Intake Alter Hormonal Rhythms and Metabolism. Int J Mol Sci. 2023 Feb 8;24(4):3392.
- Altaha B, Heddes M, Pilorz V, et al. Genetic and environmental circadian disruption induce weight gain through changes in the gut microbiome. Mol Metab. 2022 Dec;66:101628.
- Silva YP, Bernardi A, Frozza RL. The Role of Short-Chain Fatty Acids From Gut Microbiota in Gut-Brain Communication. Front Endocrinol (Lausanne). 2020 Jan 31;11:25.
- Leone V, Gibbons SM, Martinez K, et al. Effects of diurnal variation of gut microbes and high-fat feeding on host circadian clock function and metabolism. Cell Host Microbe. 2015 May 13;17(5):681-9.
- Chen CQ, Fichna J, Bashashati M, et al. Distribution, function and physiological role of mel-atonin in the lower gut. World J Gastroenterol. 2011 Sep 14;17(34):3888-98.
- Dos Santos A, Vasylyshyn A. The modulatory role of short-chain fatty acids on peripheral circadian gene expression: a systematic review. Front Physiol. 2025 Jul 14;16:1595057.
- Dos Santos A, Galiè S. The Microbiota-Gut-Brain Axis in Metabolic Syndrome and Sleep Disorders: A Systematic Review. Nutrients. 2024 Jan 29;16(3):390.
- den Besten G, van Eunen K, Groen AK, et al. The role of short-chain fatty acids in the inter-play between diet, gut microbiota, and host energy metabolism. J Lipid Res. 2013 Sep;54(9):2325-40.
- Blaak EE, Canfora EE, Theis S, et al. Short chain fatty acids in human gut and metabolic health. Benef Microbes. 2020 Sep 1;11(5):411-455.
- Fawad JA, Luzader DH, Hanson GF, et al. Histone Deacetylase Inhibition by Gut Microbe-Generated Short-Chain Fatty Acids Entrains Intestinal Epithelial Circadian Rhythms. Gastroen-terology. 2022 Nov;163(5):1377-1390.e11.
- Yang W, Yu T, Huang X, et al. Intestinal microbiota-derived short-chain fatty acids regulation of immune cell IL-22 production and gut immunity. Nat Commun. 2020 Sep 8;11(1):4457.
- Tolhurst G, Heffron H, Lam YS, et al. Short-chain fatty acids stimulate glucagon-like pep-tide-1 secretion via the G-protein-coupled receptor FFAR2. Diabetes. 2012 Feb;61(2):364-71.
- Kopczyńska J, Kowalczyk M. The potential of short-chain fatty acid epigenetic regulation in chronic low-grade inflammation and obesity. Front Immunol. 2024 Mar 27;15:1380476.
- Cheng WY, Lam KL, Pik-Shan Kong A, et al. Prebiotic supplementation (beta-glucan and in-ulin) attenuates circadian misalignment induced by shifted light-dark cycle in mice by modulat-ing circadian gene expression. Food Res Int. 2020 Nov;137:109437.
- Firoozi D, Masoumi SJ, Mohammad-Kazem Hosseini Asl S, et al. Effects of short-chain fat-ty acid-butyrate supplementation on expression of circadian-clock genes, sleep quality, and in-flammation in patients with active ulcerative colitis: a double-blind randomized controlled trial. Lipids Health Dis. 2024 Jul 13;23(1):216.
- Rijo-Ferreira F, Takahashi JS. Genomics of circadian rhythms in health and disease. Ge-nome Med. 2019 Dec 17;11(1):82.
- Dos Santos A. Circadian rhythms and the gut microbiome: Investigating the impact of dim light in the evening. Master’s thesis, University of Oxford, 2025.
- Mortaş H, Bilici S, Karakan T. The circadian disruption of night work alters gut microbiota consistent with elevated risk for future metabolic and gastrointestinal pathology. Chronobiol Int. 2020 Jul;37(7):1067-1081.
- Te Kulve M, Schlangen LJM, Schellen L, et al. The impact of morning light intensi-ty and environmental temperature on body temperatures and alertness. Physiol Be-hav. 2017 Jun 1;175:72-81.