Voedingsgeneeskunde (2026) jg. 27 nr. 2
Jaar
2026
Jaargang
27
Nummer
2
Dossier
Ritme

Dag, nacht. Ochtend, middag, avond. Nieuwe maan, volle maan. Het leven op aarde is getekend door ritme. In dit nummer onderzoeken we het ritme van ons metabolisme en hoe we voeding kunnen afstemmen op dat ritme. Zoals het biologisch klokje binnenin ons tikt, tikt het nergens.

Dossier

Wij zijn ’s morgens niet dezelfde persoon als ’s avonds. Hoe we ons voelen, onze fijne motoriek, lichamelijke klachten, maar zelfs onze sportprestaties hebben alle een ritme met een piek en een dal op een vast moment van de dag. Zo presteren Olympische zwemmers het beste aan het begin van de avond, zelfs zoveel beter dan in de ochtend dat dit in 40% van de gevallen het verschil tussen een gouden en zilveren medaille kan zijn.1 Dit is het gevolg van het feit dat alles in ons lichaam een ritme heeft dat intern, door onze biologische klokken, wordt gestuurd. De functie van dat interne kloksysteem is om goed en efficiënt te reageren: optimaal voorbereid om ’s morgens op te staan, onze maaltijd te verteren, actief te zijn en te presteren, en om ’s avonds te kunnen gaan slapen. Als we naar die klokken luisteren verlopen al die processen dus goed, maar als we op andere tijden gaan slapen, eten of opstaan zijn we niet goed voorbereid en reageren we niet optimaal. Daardoor voelen we ons niet fit, niet uitgeslapen, krijgen we maag-darmklachten en zelfs lange termijn gezondheidsproblemen.

De meeste voedingsadviezen gaan over wat we eten. Hoeveel energie iemand binnenkrijgt, hoe de verhouding tussen koolhydraten, vetten en eiwitten is, in combinatie met de kwaliteit van de voeding. Toch wordt steeds duidelijker dat ook wanneer we eten invloed heeft op onze gezondheid.

Circadiane ontregeling, het microbioom en hardnekkige slaapproblemen

Een 45-jarige vrouw – laten we haar Marijke noemen – stapt moe en gefrustreerd mijn praktijk binnen. Ze doet alles goed, zo vertelt ze me. Ze gaat op tijd naar bed, vermijdt koffie na de lunch, eet gevarieerd en doet zelfs aan intermittent fasting. Toch blijft ze last houden van chronische vermoeidheid. ’s Ochtends voelt ze zich geradbraakt en halverwege de middag krijgt ze een enorme energie-dip. Haar huisarts heeft bloedonderzoek laten uitvoeren, en daaruit bleek niets bijzonders. Voor mij is dit een bekend patroon. In mijn praktijk zie ik dit regelmatig: patiënten die alles lijken te doen wat de richtlijnen voorschrijven, maar bij wie klachten aanhouden. Hoe is dat mogelijk en wat valt daar tegen te doen?

Van weerwolf tot lunacy. Dat de maan ons gedrag en mentale welzijn beïnvloedt, is een idee van alle tijden. De wetenschap gelooft er niet meer in, hoewel maanbiologie in de dierenwereld een bewezen fenomeen is. Ook bij de mens vinden we daar sporen van terug. Het idee is niet eens zo lunatic.

Column

Column

De Z van Zout en de W van Water zijn al meer van 3,5 miljard jaar nauw met elkaar en met het leven verbonden. De zoutconcentratie in iedere levende cel is namelijk (vrijwel) gelijk aan de zoutconcentratie in de oceaan. Dat is geen toeval omdat het eerste leven op aarde ontstaan is in de oceanen waar op een gegeven moment eiwitten, RNA en mogelijk ook DNA werden omgeven door een membraan van lipiden.

Artikelen

Persoonlijk
Samantha Jordaans, voedingswetenschapper en diëtist

In ‘Wat slik jij?’ laten gezondheidsprofessionals zien hoe supplementen en soms ook medicijnen een plek hebben gekregen in hun dagelijks leven. Zij vertellen open over wat zij gebruiken, waarom zij daarvoor kiezen en wat het hen brengt. Zo biedt deze rubriek een persoonlijke inkijk in gezondheid in de praktijk.

Boek
Groot Handboek Oliën en Vetten

Met het Groot Handboek Oliën en Vetten voegen Ted Gerretzen en dr. Geert Verhelst een omvangrijk en zorgvuldig opgebouwd naslagwerk toe aan de reeks Natuurlijk wegwijs. Waar eerdere delen onder meer geneeskrachtige planten, aromatherapie en bachbloesemtherapie belichtten, richt dit nieuwe standaardwerk zich volledig op oliën en vetten in voeding, suppletie en natuurlijke lichaamsverzorging. Met ruim zeshonderd pagina’s, 61 uitgebreide monografieën en een rijk overzicht aan bron- en studiemateriaal positioneert het boek zich als een degelijk naslagwerk voor therapeuten, artsen, diëtisten en andere zorgprofessionals.

Interview
Jaap Seidell over een ongezonde voedselomgeving en verkeerde beslissingen

Vrijwel zijn gehele wetenschappelijke loopbaan heeft prof. dr. ir. Jaap Seidell zich ingezet om de ongezonde voedselomgeving in Nederland te verbeteren. Ruim een jaar geleden ging hij met pensioen. Zijn afscheidsrede werkte hij uit in het onlangs verschenen Grenzen aan de Gulzigheid, een boek dat geen lezer onberoerd zal laten. Het toont namelijk indringend aan wat schadelijke invloeden van commercie en falend overheidsbeleid teweegbrengen. Toch is het boek niet activistisch bedoeld. ‘Ik heb vooral mijn kennis, inzichten en ervaring willen samenbrengen en uitgelegd wat je daarmee kan’, aldus Jaap. Maar toch.

Voeding

Met het ontstaan van long COVID en de wereldwijde aandacht hiervoor is het onderzoeksbudget voor wat tegenwoordig post-acute infectieuze syndromen (PAIS) heet, sterk verhoogd. PAIS is echter zeker niet nieuw en allerlei virale, bacteriële en parasitaire infecties kunnen uitmonden in PAIS. ME/CVS is waarschijnlijk het bekendste voorbeeld. In de wetenschappelijke zoektocht naar de pathofysiologische basis van PAIS is steeds meer onderzoek zich gaan richten op het darmmicrobioom. Er zijn opvallende afwijkingen gevonden en inmiddels ook enkele aanwijzingen dat microbioombehandeling een positief effect kan hebben.

Voeding
Nieuwe inzichten uit recent onderzoek

Omega-3-vetzuren, met name eicosapentaeenzuur (EPA) en docosahexaeenzuur (DHA), krijgen al jaren aandacht vanwege hun mogelijke beschermende rol bij hart- en vaatziekten. Een recente synthese van studies uit de periode 2020-2025 geeft een overzicht van de huidige kennis over werkingsmechanismen, klinische effecten en mogelijke risico’s van omega-3-suppletie.¹ De resultaten wijzen overwegend op gunstige cardiovasculaire effecten, al bestaat discussie over een mogelijk verband tussen hoge doseringen en atriumfibrilleren.