Vegetariërs en veganisten zijn erg bewust van hun risico op vitamine B12-gebrek door toedoen van hun eetgewoonten. Ook jodiumgebrek is bij veganisten erg 'in trek', zo blijkt uit een kleine Duitse studie. De onderzoekers baseerden zich hiervoor op bloed- en urineanalyses.
Met name een derde van de veganisten had jodiumtekort volgens het criterium van de WHO (<20 µg/ml urine). Volgens de onderzoekers zijn veganisten nog te weinig bewust van hun lage jodiuminname, in tegenstelling tot hun vitamine B12-inname, een pijnpunt dat ondertussen goed gekend is. Bijna alle veganisten namen supplementen met vitamine B12 (92%), slechts vijf veganisten namen supplementen met jodium. De veganisten in deze studie hadden dan ook een normale vitamine B12-status.
Verder constateerden de onderzoekers bij de veganisten een lagere inname van vitamine B2, vitamine D en calcium. De lagere vitamine D-status was opmerkelijk, omdat de helft van de veganisten wel een of ander supplement met vitamine D namen. Blootstelling aan zonlicht is de belangrijkste natuurlijke bron van vitamine D. Indien dat niet haalbaar is, moet suppletie op een gerichte manier ingezet worden.
De markers voor ijzerstatus waren vergelijkbaar met die van omnivoren: 11% van de veganisten had tekenen op ijzertekort.
De studie telde 72 deelnemers uit Berlijn, 36 veganisten en 36 omnivoren met gelijke aantallen mannen en vrouwen. Bloedstalen zorgden voor een schatting van de ijzer- en zinkstatus, urinestalen voor die van de calcium- en jodiumstatus.
Weikert C, Trefflich I, Menzel J et al. Vitamin and Mineral Status in a Vegan Diet. Dtsch Arztebl Int. 2020; 117(35-36):575-582