Magnesium mogelijk inzetbaar tegen psychiatrische stoornissen

Volgens een systematische review door Italiaanse wetenschappers zou magnesium in de toekomst kunnen worden toegepast bij psychiatrische aandoeningen. De veelzijdigheid van dit mineraal bestaat onder meer uit de betekenis voor de hersenen, de stemming en het centraal zenuwstelsel. Er is alleen nog te weinig hoogwaardig onderzoek gedaan om precies te weten op welke manier van magnesium gebruik kan worden gemaakt.

De laatste jaren is de nutritionele psychiatrie in opkomst. Daarin wordt nagegaan hoe aanpassingen in de voeding effect kunnen hebben op mentale ziekte en welke voedingsstoffen als supplement kunnen worden ingezet. De bewijsvoering voor omega-3-vetzuren is intussen van dien aard dat deze naar verwachting onderdeel van de behandeling van depressies zullen worden. Naar de betekenis van voeding voor andere psychiatrische stoornissen en naar de werkzaamheid van andere voedingsstoffen is veel minder onderzoek gedaan. Wel is er een reeks belangrijke studies over magnesium, die eveneens het meest zijn gedaan bij depressies.

In deze review, waarin 32 artikelen werden meegenomen, is geanalyseerd wat de relatie is tussen het plasmaniveau magnesium en de aanwezigheid van psychische ziekte. Daarnaast is gekeken naar de effectiviteit van het suppleren van magnesium. Dat is gedaan aan de hand van studies over de laatste tien jaar en toegespitst op depressieve stoornissen (18 onderzoeken), angststoornissen (4), ADHD (4), autismespectrumstoornissen (3), obsessief-compulsieve stoornissen (1), schizofrenie (1) en eetstoornissen (1).

Van de 18 depressiestudies waren er twaalf met positieve effecten. Uit zeven onderzoeken bleek een significante correlatie tussen depressie en een lager plasmaniveau magnesium. Tweemaal werd gevonden dat de symptomen verbeterden na inname van magnesium en in twee gevallen was dat zo wanneer het met antidepressiva werd gecombineerd.

Het beeld bij de andere aandoeningen was door beperkt onderzoek veel minder duidelijk. Positief resultaat viel niet te melden bij angststoornissen. Wel hing een hoger magnesiumniveau samen met verminderde angst bij depressieve patiënten en was het ook gunstig voor patiënten met – vaak met angst verbonden – stress. Voor de overige ziekten waren de soms licht positieve resultaten te beperkt om als effectief te worden beschouwd of bleken deze alleen uit een minderheid van de betreffende studies.

De auteurs concluderen tot conflicterende uitkomsten voor magnesium, zowel in relatie tot plasmaniveaus als wat betreft therapeutische effecten. Zij verwachten wel dat na meer studie zal blijken dat een rol is weggelegd voor magnesium, als afzonderlijke of als aanvullende behandeloptie bij psychische aandoeningen.

Verschenen in de nieuwsbrief van 11 september 2020