Het voor- of achteruit zetten van de klok verhoogt tijdelijk de kans op het krijgen van een beroerte. Dat stellen onderzoekers van de Universiteit van Turku in Finland die de medische gegevens van ziekenhuispatiënten tussen 2004 en 2013 bekeken. Daarbij werd het percentage beroertes van 3.033 patiënten, opgenomen in de week na zomer- of wintertijd, vergeleken met het percentage beroertes van 11.801 patiënten die twee weken voor of twee weken na die week werden opgenomen.
Onderzoekers concludeerden dat de kans op een beroerte 8% hoger was gedurende de eerste twee dagen na het verzetten van de klok. Na die twee dagen was er geen verschil meer te zien tussen de opgenomen patiënten in de verschillende weken. Bepaalde patiënten bleken kwetsbaarder te zijn voor de tijdsverandering dan anderen. Voor kankerpatiënten bleek het risico op een beroerte in die dagen 25% hoger dan op een ander moment. Bij 65-plussers was dat 20%. Er overleden in de week na zomer- of wintertijd niet meer mensen.
Wanneer de tijd met een uur wordt aangepast, heeft dat invloed op het zogenaamde circadiaans ritme. Het circadiaans ritme is een biologisch ritme waarvan de cyclus ongeveer één dag duurt. In eerdere onderzoeken werd al een verband aangetoond tussen beroertes, verstoorde slaappatronen en het circadiaans ritme. Dit is echter de eerste keer dat onderzoekers hebben gekeken naar de effecten van een verandering in het ritme als gevolg van het verzetten van de klok.
Verder onderzoek moet plaatsvinden om de relatie tussen dit soort tijdsveranderingen en het risico op een beroerte te leren begrijpen, maar ook om te bekijken hoe dit risico verlaagd kan worden.
Does daylight saving time increase risk of stroke? American Academy of Neurology (AAN), press release. 29 February 2016.