Langdurige buikpijn van een jong kind als een spiegel voor de ouders

Op het spreekuur komt Bas, een jongen van ruim drie en een half jaar oud, samen met zijn ouders. Sinds een jaar is er steeds vaker sprake van buikpijn. Daarnaast zijn er poepproblemen, waarbij Bas wel op het toilet wil plassen, maar niet poepen. Bas is voor de klachten bij de huisarts geweest en bij een kinderarts. Bij aanvullend onderzoek zijn geen afwijkingen gevonden, met name een schildklierprobleem en coeliakie (glutenintolerantie) zijn uitgesloten. Sinds een half jaar gebruikt Bas macrogol. De inname is toenemend een probleem.

Tijdens het eerste bezoek valt op dat Bas als lijm tegen het lichaam van moeder aangeplakt zit. Bas heeft geen aandacht voor vader en wanneer vader hem iets vraagt, draait Bas zijn hoofd weg en kijkt boos. Beide ouders stellen Bas tijdens het bezoek de hele tijd vragen, zoals: Wil je op een eigen stoel gaan zitten, want ik kan Judith niet verstaan? Waar wil je mee spelen? Heb je gezien hoeveel speelgoed hier is? Wil je je jas uitdoen? Wat wil je drinken?

Bas kijkt me tijdens het gesprek opvallend vaak aan en zegt vervolgens iets tegen zijn moeder: ik wil bij jou zitten mama of ik wil met jou samen spelen mama.

Sinds een half jaar weigert Bas om op het toilet te zitten en houdt de defecatie tot drie of vier dagen op. Hij wil alleen dat zijn moeder een luier omdoet, bij voorkeur tijdens het avondeten. Wanneer vader tijdens het eerste bezoek aan Bas vraagt of hij hem mag helpen, zegt Bas nee of gaat schreeuwen. Ouders maken zich veel zorgen om de buikpijnklachten, die in de avond zo erg zijn dat Bas in het bed van zijn ouders slaapt of naast moeder en vader in het logeerbed in een andere kamer. Een half jaar geleden is er een broertje (Vic) geboren in het gezin. Moeder heeft een jaar geleden tijdens de zwangerschap een burn-out gekregen en is nog steeds thuis. Vanwege een heftige bloeding na de geboorte van Vic is moeder twee weken in het ziekenhuis geweest. Vader werkt fulltime en heeft een drukke baan. Vader werkt vanwege de situatie in Nederland rondom COVID-19 vanuit huis en ervaart toenemend stress en irritatie van het gehuil en geschreeuw overdag en van het beroep dat zijn echtgenote op hem doet. Hij heeft de neiging om van al het gezinsgedoe, zoals hij dit verwoordt, weg te lopen. Wanneer ik de ouders vraag waar Bas met de klachten aandacht voor vraagt, gaat moeder hard huilen. Wanneer ik haar na het huilen vraag wat ze ervaart, zegt moeder dat ze het gevoel heeft dat ze geen goede moeder is, dat ze zo haar best doet en dat het nooit goed is. Ze is er eigenlijk wel klaar mee en wil rust voor zichzelf.

Functionele buikklachten

Na een medisch onderzoek bespreek ik met de ouders van Bas wat functionele chronische buikklachten zijn. In Nederland hebben ruim anderhalf miljoen mensen chronische buikpijn, van wie 110.000 kinderen. Het gaat hier om 10-15% van alle jongens en meisjes in Nederland. Bij de meeste kinderen is er een naam voor de buikpijn, een diagnose zoals prikkelbaredarmsyndroom, functionele buikpijn of functionele obstipatie. Al deze functionele diagnoses hebben geen duidelijke lichamelijke oorzaak. In Nederland heeft een op de vier kinderen last van een chronische aandoening. Een chronische aandoening is een aandoening waarbij een behandeling met medicatie geen blijvende oplossing geeft. Voorbeelden van chronische aandoeningen zijn astma, allergie, reuma, overgewicht, functionele buikpijn, hoofdpijn of moeheid. Chronische buikpijn is een van de meest voorkomende redenen voor een bezoek aan een huisarts of medisch specialist.

In het Engels heet een mens human being. Het lichaam is human en de being is je binnenwereld, het bewustzijn wat denkt en voelt en ervaart. Ook bespreek ik de metafoor van een auto en een bestuurder. Je kan het lichaam zien als de auto en de ‘being’ als de bestuurder. Het lichaam heeft een continue relatie en uitwisseling met de ‘inner being’. Wanneer je een examen gaat doen, kun je buikpijn krijgen of dunne defecatie. Alles wat je doet en denkt en meemaakt en alle prikkels die je als mens op een dag te verwerken krijgt, hebben een effect op het functioneren van je darmen.

Stress en buikklachten

Chronische stress

Ingrijpende gebeurtenissen in een mensenleven geven chronische stress. Chronische stress activeert de aanmaak van stresshormonen in het lichaam. Chronische stress heeft een invloed op het menselijk functioneren en met name op het functioneren van de darmen. Door chronische klachten vraagt het lichaam aandacht voor de oorzaak van deze klachten. Chronische klachten hebben altijd een psychosomatische oorzaak: zowel in het lichaam als in het psychologische-emotionele-relationele. Omdat het lichaam een relatie heeft met de ‘inner being’.

Wanneer een moeder plotseling afwezig is, in dit gezin door de acute opname in het ziekenhuis, is dit een stressvolle ervaring voor een kind. Omgaan met chronische stress is mogelijk door het aanleren van een bepaald gedrag. Een mechanisme waarmee Bas kon overleven, is zijn aandacht op zijn moeder te richten en zijn vader (onbewust) af te wijzen. De buikpijnklachten, niet meer op het toilet durven zitten om te poepen en het ophouden van defecatie staan symbool voor de (nog niet) verwerkte emoties die bij de chronische stress horen. Aanleren van een veilige relatie met jezelf en leren luisteren naar de signalen die het lichaam geeft, hebben een positief effect op het functioneren van het lichaam en in het bijzonder het immuunsysteem van de darmen.

Ouderschapsrol

Vanwege de onzekerheid van de ouders over hun ouderschapsrol en de verwachtingen van het ideale plaatje in het hoofd van de ouders, zijn er bij zowel vader als moeder steeds meer teleurstellingen ontstaan. Door dit te herkennen en bespreekbaar te maken, is het mogelijk om te ervaren en te voelen hoeveel pijn teleurstelling veroorzaakt. Contact maken met deze gevoelens zonder er iets van te vinden of ze te analyseren of een ander er de schuld van te geven, geeft rust in het gezin. Ouders leren hun eigen verwachtingen te herkennen. Zodra je eigenaarschap neemt van je eigen verwachtingen, is het gevoel van weerstand en verzet er steeds minder en is een leven vanuit reageren op een ander steeds minder nodig.

Een kind is open, helder, zonder oordeel en gevoelig voor dat wat er in de omgeving speelt. Een jong kind is voor zijn of haar verzorging en een gezonde ontwikkeling afhankelijk van de ouders of verzorgers. Veiligheid, liefde, vertrouwen, steun, verzorging, bevestiging en aandacht zijn basisbehoeftes van een jong kind, naast eten, drinken, warmte, kleding en onderdak. Een volwassen mens kan voor zichzelf zorgen en is niet afhankelijk van anderen voor de invulling van basisbehoeftes. Een baby ervaart geen verschil tussen zichzelf en een ouder of verzorger. Een jong kind leert bij het opgroeien en groter worden dat er een verschil is tussen zichzelf en een ouder. Waar een baby of peuter van slag kan zijn wanneer een ouder of verzorger niet meer te zien of horen is, leert een kind tijdens het opgroeien om op eigen benen te staan. Een kind ervaart veiligheid wanneer een ouder liefdevol en duidelijk is en zich als ouder gedraagt en de verantwoordelijkheid op zich neemt. Wanneer een ouder zelf niet lekker in zijn of haar vel zit en een kind de hele tijd vraagt wat het wil, ervaart een kind dit als onveilig. Door het gedrag van een kind vraagt een kind de ouders: is het veilig? Zie je me? Hoor je me? Mag ik er zijn? Ouders leren om naar Bas te kijken en de regie te nemen, zodat Bas niet de hele dag veel te ingewikkelde vragen krijgt.

Medische behandeling

Binnen acht maanden na de start van de medische behandeling is Bas zindelijk, poept op het toilet en is de buikpijn alleen nog aanwezig wanneer er iets is wat hij als spannend of moeilijk ervaart. Vader is een dag minder gaan werken en de ouders hebben een verdeling van de zorgtaken die voor allebei goed is. Er is rust ontstaan in het gezin doordat de ouders minder zijn gaan doen en meer aanwezig zijn bij dat wat er is.

In de medische behandeling van Bas en het hele gezin is er aandacht voor het lichaam, (ingehouden en niet verwerkte) emoties, overtuigingen en verwachtingen en de onderlinge relaties in het gezin. Naast (tijdelijke) medicatie in de vorm van macrogol heb ik gebruik gemaakt van aanvullende ondersteuning in de vorm van probiotica, voedings- en leefstijlveranderingen, mindfulness, zelfcompassie, meditatie en aanraken van het lichaam van Bas.

Een aantal thema’s krijgen aandacht in de medische behandeling.

1. Acceptatie van de huidige situatie

Zodra het mogelijk is om ja te zeggen tegen hoe het nu is (ook al is dit helemaal niet fijn of zelfs ondraaglijk en pijnlijk). Zodra je erkent en accepteert hoe een situatie is en je eigen (positieve en negatieve) gedachten en emoties hierbij toestaat, ontstaat er ruimte voor begrip en compassie voor jezelf. Vanuit zelfcompassie is het mogelijk om compassie voor iemand anders te hebben. Ouders hebben geleerd om zonder oordeel te kijken en aanwezig te zijn bij hun eigen leed en dat van hun zoon Bas. Beoefening van mindfulness en meditatie heeft hen hierbij ondersteund.

2. Bewust worden betekent wakker worden

Zodra je inziet wat je eigen overlevingsmechanisme is en hoe alleen tijdelijk effectief en niet leerbaar een overlevingsmechanisme is, is het mogelijk om te leren aanwezig te zijn en blijven bij wat je ‘als probleem had gelabeld’, dat wat je weg wilde hebben en waar je zo snel als mogelijk vanaf wilde. Chronische klachten of problemen zijn dan boodschappers die je iets komen leren, waardoor je je als mens kan ontwikkelen.

3. Verzet

Wanneer iets anders loopt dan verwacht, ontstaat er een emotie. Wanneer een emotie de ruimte krijgt en kan worden ervaren in het lichaam, zijn de fysiologische veranderingen terug in balans na maximaal twee minuten. Boosheid is een emotie die bij een kind vaak angst veroorzaakt: angst voor verlies aan liefde en hechting aan de ouders. Bovendien hebben veel mensen een oordeel over boosheid: boosheid hoort niet, mag er niet zijn of wat dan ook. Zo gaat een mens boosheid inhouden, vermijden of onderdrukken. Het lichaam heeft direct contact met je emoties en gedachten en ingehouden angst en boosheid kunnen vast komen te zitten in het lichaam, waardoor en bijvoorbeeld langdurige buikpijn en poepklachten ontstaan.

4. Verbinding

VerbindingDoor een gezonde relatie met jezelf en je ouders of verzorgers is het mogelijk om in je leven gezonde relaties met andere mensen aan te gaan en een gezonde verbinding te hebben met de wereld, de omgeving om je heen. Wanneer er een ingrijpende, stressvolle gebeurtenis is of was, is verbinding (tijdelijk) niet mogelijk. De pijn die dit veroorzaakt, is als een innerlijke wond en gaat gepaard met gevoelens van eenzaamheid, schaamte, schuld, verdriet, boosheid en angst. Op een veilige manier contact maken met het lichaam en aanraken van het lichaam helpen in het creëren van een gezonde relatie met jezelf, waardoor genezing mogelijk wordt. Een gezonde relatie met je moeder maakt het op een gezonde manier aannemen van het leven mogelijk. Een gezonde relatie met je vader maakt het op een gezonde manier aannemen van de wereld mogelijk. Ieder mens is onderdeel van een groter geheel, onderdeel van een groep, een familie. Of je hier nu blij mee bent of niet. Wanneer je je afhankelijk of ondergeschikt voelt en je hoopt en verwacht dat anderen je accepteren, stel je je (onbewust) afhankelijk op. Zo raak je teleurgesteld en bovendien is het lastig om je eigen ruimte en grenzen te ervaren wanneer je de verantwoordelijkheid daarvoor uitbesteedt aan iemand anders. Met de ouders van Bas werk ik met ‘wat wil je wel en wat wil je niet? Wat is belangrijk voor je en wat niet? Waar word je blij van en waarvan niet? Betekenis geven aan je eigen leven maakt het aangaan van een gezonde relatie met jezelf en vervolgens met anderen mogelijk. We zijn mens omdat we over de capaciteit beschikken om ons te verbinden. Meditatie is verbinden met jezelf, met je diepste kern, je essentie, van waaruit het mogelijk is om te leren voor jezelf te zorgen. Door meditatie toe te passen als dagelijkse activiteit ontstaat er rust in je denkpatronen. Leiderschap over je eigen gezondheid wordt mogelijk wanneer er innerlijke harmonie tussen het lichaam en je ‘inner being’ is. Hoe meer je als ouders of verzorgers aandacht geeft aan zorg voor jezelf, hoe meer geduld, respect en waardering je hebt voor je kinderen. Hoe meer je een levend voorbeeld bent van wat het in de praktijk betekent om aandacht te hebben voor de gezondheid van je lichaam, je denkpatronen, je emoties en je relaties, hoe natuurlijker een kind dit overneemt, kopieert en leert om mee te bewegen met alle verschillende fases en scenario’s van het leven. In ieders leven zijn er situaties en omstandigheden die we als fijn en niet fijn, gewenst en niet zo of helemaal niet gewenst ervaren. Leren hoe je omgaat met al deze kansen of uitdagingen of leermomenten maakt je tot het mens dat je bent. Iedere dag is een nieuwe kans en gelegenheid om te leren, af te leren, opnieuw te proberen en te oefenen.

Over de auteur
Dr. Judith M. Kocken studeerde geneeskunde in Leiden en promoveerde op lever­cel­trans­plantatie als nieuwe behandeling en alternatief voor orgaan­trans­plantatie. Ze is meer dan dertig jaar werkzaam in de gezondheidszorg, als kinderarts gespecialiseerd in maag-lever-darmproblemen, arts voor leefstijl­geneeskunde en wetenschappelijk onder­zoeker. Sinds 2014 is zij werkzaam bij Kinderbuikenco, een medisch-specialistische praktijk voor kinderen, jongeren en volwassenen met langdurige klachten en werkt zij vanuit een holistische visie op gezondheid. Ze schrijft blogs, artikelen en boeken gebaseerd op haar jarenlange ervaring in de geneeskunde, met de intentie zoveel mogelijk zorg­professionals te inspireren aandacht te hebben voor alle aspecten van gezondheid en de hele mens, zodat het zelf­genezende vermogen van een lichaam wordt geactiveerd.
Judith is auteur van de boeken Kinderbuik (ISBN 9789020211030), Je bent je eigen medicijn (ISBN 9789463310307) en Healthy soul, Healthy body (ISBN 9781912187218) De eerste twee publicaties vormen de basis van dit artikel.

(foto: Ben de Haas)
Open access

Auteur

Verschenen in