Suppletie herstelt cognitieve schade bij ondervoede kinderen
Suppletie kan cognitieve schade bij ondervoede kinderen repareren

Amerikaanse wetenschappers melden dat er hoop is op de mogelijkheid cognitieve achterstand bij kinderen in te halen. Deze vorm van hersenschade treedt veelvuldig op wanneer zij door armoede niet adequaat gevoed kunnen worden. Suppletie met voedingsstoffen kan echter tot belangrijke verbeteringen leidden. En dat blijkt indirect ook voor het rijkere deel van de wereld van betekenis.

De effecten van suppletie zijn in welvarende landen relatief bescheiden, maar maken een wereld van verschil in situaties van armoede en ondervoeding. Al lange tijd is bekend dat, zelfs bij een chronisch tekort aan volwaardige voeding, suppletie kinderlevens spaart. Het hier besproken onderzoek laat echter zien dat er veel meer te bereiken valt dan alleen hen in leven te houden. Er werd gekeken naar achterblijvende cognitieve ontwikkeling die wereldwijd tenminste 250 miljoen kinderen jonger dan vijf jaar treft en waarvan onvolwaardige voeding als belangrijke oorzaak geldt.

De studie concentreerde zich primair op het werkgeheugen, de tijdelijke informatieopslag in de hersenen om taken uit te kunnen uitvoeren. Daarnaast zijn andere effecten meegenomen, zoals op de concentratie hemoglobine, de lichaamssamenstelling en de bloeddoorstroming in de hersenen. Dit alles werd in 2017 gedurende gemiddeld 23 weken getoetst bij een groep kinderen met risico op ondervoeding.

De studie was een RCT met deelname van 1059 kinderen in de leeftijd van vijftien maanden tot zeven jaar uit tien verschillende dorpen in het West-Afrikaanse Guinee-Bissau. De analyse werd toegespitst op kinderen jonger dan vier jaar. Het te testen voedingssupplement werd zowel vergeleken met een in internationale hulpprogramma’s gebruikt voedingspakket als met een controlemaaltijd, een traditioneel en vooral uit rijst bestaand ontbijt. Het supplement had een hoog proteïnegehalte en er werd bovenop andere macro- en micronutriënten extra rekening gehouden met stoffen die speciaal van belang worden geacht voor de hersenen, zoals:

  • polyfenolen (vooral wanneer deze de bloed-hersenbarrière kunnen passeren);
  • omega-3-vetzuren (voor structuur en functie van de hersenen);
  • choline (als voorloper van de bij prikkeloverdracht in de hersenen betrokken neurotransmitter acetylcholine);
  • de sporenelementen chroom en molybdeen (voor het hersenmetabolisme).

Dit supplement resulteerde, in vergelijking met de controlemaaltijd, in verbetering van het werkgeheugen bij de kinderen tot vier jaar. Hetzelfde gold voor de hemoglobineconcentratie bij degenen onder hen die bloedarmoede hadden. Deze twee gevolgen waren er niet bij de kinderen vanaf vier jaar. Bij hen was echter wel sprake van een toename van vetvrij weefsel in vergelijking met het internationale hulppakket. Ten opzichte van dit pakket verlaagde het geteste supplement bij kinderen tot vier jaar de BMI en deed het eveneens het vetvrij weefsel toenemen. Ten slotte verhoogde het supplement bij kinderen tot zeven jaar, meer dan de twee andere maaltijden, de bloeddoorstroming in de hersenen.

De auteurs merken op dat hun bevindingen strijdig zijn met de veel gehoorde aanname dat eenmaal ontstane cognitieve schade als gevolg van ondervoeding op jonge leeftijd permanent is. Want suppletie blijkt een herstelvermogen te hebben. Zij voegen er aan toe dat deze conclusies ook hun waarde hebben voor kinderen in welvarende landen die geen gezonde voeding krijgen of voor ouderen met ondervoeding-gerelateerde cognitieve gebreken.

Referenties

Roberts SB, Franceschini MA, Silver RE, et al. Effects of food supplementation on cognitive function, cerebral blood flow, and nutritional status in young children at risk of undernutrition: randomized controlled trial. BMJ. 2020;370:m2397 https://www.bmj.com/content/370/bmj.m2397